Posts tonen met het label onscherpe achtergrond. Alle posts tonen
Posts tonen met het label onscherpe achtergrond. Alle posts tonen

maandag 3 september 2012

Tip basisfotografie: macrofotografie, hoe doe je dat?


Van 1 september tot en met 31 december exposeert Irene Lommers met de serie ‘Living Water’ in De Fotokunst Galerie. Prachtige macrofoto’s met als thema water.

Wil jij ook de wereld van de macrofotografie betreden? Lees dan onze tips!

Uit de serie 'Living Water' door Irene Lommers

Klein, eenvoudig en mooi is de essentie van macrofotografie.
Vaak zijn het close-ups van planten, bloemen, dieren en kleine insecten, die hun schoonheid en fijnheid laten zien.  

Maar macrofotografie is niet per definitie natuurfotografie. Alles wat je van dichtbij fotografeert kan onder de term macrofotografie vallen. Dit kan dus ook een sleutel zijn, een paperclip, of een close-up van een patroon.

Door in te zoomen op onthul je mooie patronen en texturen die je met het blote oog niet zo gemakkelijk opmerkt. Dankzij een macrofoto zie je ineens de zachtheid en teerheid van bloemen en de sprekende ogen aan stekelige tentakels van een insect. Met macrofotografie zoom je in op de wereld van kleine onderwerpen.

Speciale lens?
Er zijn lenzen beschikbaar die veel gebruikt worden voor macrofotografie, maar als je deze niet hebt, laat je dit niet weerhouden om aan macrofotografie te beginnen. De meeste camera’s hebben een macromodus. Deze modus zorgt vervolgens voor de vereiste instellingen.

Kijk om je heen
Een onderwerp voor macrofotografie is niet lastig te vinden. Ga eens de tuin in, daar wemelt het van de onderwerpen. Of trek een laatje open en zoom in op alledaagse kleine voorwerpen. De keuze aan onderwerpen is eindeloos. Wanneer je een levend onderwerp benadert, doe dit dat rustig. Dieren zijn zo weer verdwenen!

Kies je achtergrond
De aandacht moet uitgaan naar je onderwerp, niet naar de omgeving. Vaak is een rustige achtergrond daarom mooier. Hoewel bij macrofotografie de achtergrond altijd onscherp wordt, heb je vaak het mooiste effect wanneer de bestaande achtergrond rustig is. Een tip is om met bijna dichtgeknepen ogen naar je achtergrond te kijken. Dan krijg je al een aardig beeld. Soms kan een klein stapje opzij al een wereld van verschil uitmaken!

Uit de serie 'Living Water' door Irene Lommers

Diafragma en scherptediepte
Bij macrofotografie zit je zo dicht op je onderwerp dat je scherptediepte eigenlijk altijd heel klein is. Het is daarom nodig om een klein diafragma (hoog getal) te gebruiken. f/11 of hoger is vaak noodzakelijk om voldoende scherptediepte te krijgen. Anders is de scherptediepte zo klein dat je onderwerp al snel onvoldoende scherp is (of door een minimale beweging onscherp wordt).

Let bij het gebruik van zulke kleine diafragma's wel op je sluitertijd. Als je kiest voor de A of Av stand van je camera, zoekt de camera zelf de beste sluitertijd. Als de sluitertijd langer is, zul je met een statief moeten werken. Met stilstaande onderwerpen is dit geen probleem, zodra de onderwerpen beweeglijk zijn, is het wenselijk om een kortere sluitertijd te hanteren.

Flitsen
Ook het gebruik van een flitser kan helpen. Door de kleine diagfragma's heb je al snel een tekort aan licht. Waardoor het niet mogelijk is een korte sluitertijd te hanteren. Je kunt dit oplossen door te flitsen, daarmee creëer je extra scherptediepte. In de meeste gevallen is het flitslicht direct vanaf je camera niet ideaal; het maakt de foto plat. Door een stukje wit papier voor je flitser te plakken, kun je dit voorkomen. Je creëert zo diffuus licht. 

Met een eenvoudig kabeltje kun je een flitser ook los van je camera gebruiken en daarmee het licht van boven, of opzij laten komen. Dat levert vaak een mooier beeld op. Nadeel is dat je de flitser vaak vast moet houden, wat na een tijdje vermoeide armen op kan leveren. 

Een alternatief, dat ook vaak bij macrofotografie wordt gebruikt is een ringflitser. Deze wordt om de lens geplaatst en is daardoor iets gemakkelijker in gebruik. Nadeel kan zijn dat je de reflectie van de ringen duidelijk ziet in de ogen, in waterdruppels etc…

De belangrijkste tip is: DOEN!

Door veel te oefenen krijg je het vanzelf onder de knie. Laat je nu alvast inspireren door de foto’s van Irene Lommers. Dan krijg je zeker zin om zelf aan de slag te gaan!


Deze tips zijn afkomstig van De Fotokunst Galerie (www.fotokunstgalerie.nl)



donderdag 9 augustus 2012

Tip basisfotografie: diafragma



Als je veel foto’s bekijkt, zal je opvallen dat op sommige foto’s alle elementen scherp zijn (vaak in landschapsfoto’s), en op sommige foto’s juist alleen de voorgrond, of een specifiek detail. De achtergrond is dan mooi wazig (vaak bij portretfotografie en macrofotografie). Het voornaamste doel is om de achtergrond niet te laten afleiden van het onderwerp of een bepaalde, dromerige sfeer aan het onderwerp toe te voegen. Je kunt hier zelf mee gaan spelen, als je begrijpt hoe het diafragma werkt.

Het diafragma is, naast de sluitertijd en de ISO waarde (lees hier), een middel om de kwaliteit van je foto te verbeteren.  Het diafragma is de licht-opening van je lens. Deze opening bepaald hoeveel licht er door de lens op de sensor van je camera valt. Deze opening kan wisselen in grootte en is in feite te vergelijken met het pupil van je oog. Wanneer je op een zomerse dag buiten in de zon staan heb je kleine pupillen. Hierdoor wordt ervoor gezorgd dat het licht niet te fel is om naar te kijken. Is het buiten donker, dan worden je pupillen groter. Je ogen zorgen er zo voor dat je ook bij weinig licht toch goed kunt zien. 


Het diafragma is dus net als je pupil een opening van een bepaalde grootte waar licht doorheen valt. De maat (grootte) van het diafragma wordt weergegeven met een getal: het ‘f-getal. Dit is de brandpuntafstand (f) gedeeld door de diameter van het diafragma (D). 


Hieruit volgt een F-schaal die de stappen beschrijft van het diafragma:f/1 | f/1.4 | f/2 | f/2.8 | f/4 | f/5.6 | f/8 | f/11 | f/16 | f/22 | f/32 | f/45 | f/64 


Hieronder zie je wat de f-waarde doet met het licht:





 
Het valt je waarschijnlijk op dat een klein diafragma juist een hoge F waarde heeft, terwijl een groot diafragma een klein getal heeft. Dit is belangrijk om te onthouden! 


Een klein getal = een grote opening = veel licht = veel onscherpte in de achtergrond. Een groot getal = kleine opening = weinig licht = weinig onscherpte in de achtergrond. 


Het diafragma werkt in stappen. Het kleinste getal heeft de grootste opening. Elke stap naar rechts (steeds hoger getal) heeft een halvering van het licht tot gevolg. Let erop dat spelen met het diafragma ook van invloed is op de gekozen sluitertijd. Als je het diafragma kleiner maakt (minder licht), moet je om dezelfde belichting van het onderwerp te krijgen de sluitertijd verlengen. Laat het diafragma meer licht door dan moet de sluitertijd worden verkort om dezelfde belichting te krijgen. 


Een gevorderde fotograaf zal diafragma, sluitertijd en ISO waarde handmatig instellen. Maar voor beginnende fotografen is er gelukkig een diafragma-prioriteit modus op je camera. In het geval van Canon camera’s heet deze functie Av, bij Nikon A (kijk hiervoor in de handleiding van je camera). Door deze functie in te schakelen kun je met een instelwieltje of via het menu een f waarde selecteren waarbij de camera er zelf voor zorgt dat de goede sluitertijd er bij wordt gezocht zodat je foto niet wordt onderbelicht (te donker beeld) of wordt overbelicht (te fel beeld).


Voordeel scherpe voorgrond en onscherpe achtergrond:Dit zorgt er voor dat je oog naar het onderwerp wordt gestuurd en er geen afleidende elementen op de achtergrond zijn, de sfeer van de foto’s is rustiger.  Voor een groter effect (meer onscherpte) is het belangrijk om zo dicht mogelijk op je object te staan. Het gebruik van bijvoorbeeld een telelens is niet voldoende, als je met een telelens (te) ver van je onderwerp staat, wordt de achtergrond scherper.  Let op: Het wordt met een groot diafragma (kleine f waarde) extra belangrijk om op de goede plek scherp te stellen!



Een groot diaframa (klein getal) zorgt voor een onscherpe achtergrond

Voordeel scherpe voorgrond én scherpe achtergrond

Soms wil je juist zoveel mogelijk scherpte hebben van voorgrond tot achtergrond. Dit geldt vaak bij landschapsfotografie om de imposante reikwijdte  en alle details in de omgeving weer te geven.


Een klein diafragma (groot getal) zorgt voor een scherpe achtergrond

 Deze tip is mogelijk gemaakt door De Fotokunst Galerie